Begin deze week was ik niet vooruit te branden. En hoe harder ik m’n best deed om te ontkennen wat er was, des te harder werd ik teruggefloten door m’n lijf. Ik had de griep. Geen hele vreemde uit het oosten, maar eentje uit de klei. Zo’n gouwe ouwe. En dan kan je misschien wel willen, maar je begint er niets tegen. Alleen rust. Overgave. Dat is wat je helpen kan. En dat duurde even, die overgave. Want om los te komen van die waan van de dag, om los te komen van al die onzichtbare handjes die dag in dag uit aan je lopen te trekken, dat vergt een wonderlijk soort doorzettingsvermogen. Alsof je constant verleid wordt om door te gaan op de oude voet. Maar dat kan nu even niet, even echt niet. Dus zit er niets anders op dan je over te geven aan het grote niets. En terwijl je hoofd in sneltreinvaart nog even langs alle jengelende handjes raast, zak je steeds verder weg in een grote leegte, totdat je langzaam wegzijgt in een diepe slaap.
Tot je ineens weer wakker wordt. Je wrijft in je ogen en kijkt om je heen. Wat doe ik hier? Moet ik niet snel maken dat ik- maar nee. Juist niet. En terwijl je tot rust komt zonder in slaap te vallen, aanschouw je de wereld om je heen even vanaf een afstandje.
Misschien is dit zo’n zelfde soort afstandje als het afstandje dat Jezus van de wereld neemt in de woestijn. Dit afstandje heeft een wonderlijk louterende werking en geeft je niet alleen letterlijk maar ook figuurlijk de ruimte om de boel eens even rustig te overzien. Waar sta je op dit moment in jouw leven? Wie ben je, in die wereld daar ver weg? En komt diegene overeen met de persoon die je wezen wilt? Of had die persoon hele andere ambities, overtuigingen en doelstellingen?
Ik had in totaal maar een dag of twee, maar Jezus gaat een stuk langer bij zichzelf ten rade. Na welgeteld 40 dagen onderzoekt een stemmetje in zijn binnenste of die 40 dagen zonder brood louterend genoeg zijn geweest. Alsof er een engeltje op zijn ene, en een duveltje op zijn andere schouder zit. Want áls hij daadwerkelijk is wie hij meent dat hij is, de Zoon van God, dan kan hij toch gewoon een stel stenen in brood veranderen om zijn honger te stillen? >>Hoe verleidelijk is dat! En gelijk heeft het duveltje, enerzijds. Maar Jezus is niet naar aarde gezonden om ons broodjes te voeren. Dat redden we zelf ook wel, om onze nekken te vullen. Jezus is op aarde gekomen om ons Het Woord van God te brengen. Om ons van Geestelijke voeding te voorzien. Dus die stenen in brood veranderen? Nee bedankt, dat is niet waar het om draait.
Maar eenmaal is geenmaal, dat is u welbekend. Dus het duveltje probeert het nogmaals: Áls Hij de Zoon van God is, waarom profiteert hij dan zelf niet van zijn superieure krachten? Gewoon, omdat het kán! Waarom saai doen als het superieur kan? >> Maar-
ook dát is niet waarom Hij onder ons gekomen is. Hij zou als superman de woestijn uit kunnen vliegen, maar dat is niét wat hem maakt tot wie hij is. Jezus zal zich juist nooit verheffen boven de gewone mens omdat hij ervan overtuigd is dat de weg van de vrede juist uitgestippeld kan worden door doodgewone mensen. Mensen van alledag. Daarom leeft ie ook als mensen onder de mensen. Om ons te tonen hoe wij handen en voeten kunnen geven aan de vrede.
Nadat hij zichzelf daarvan doordrongen heeft tart het duveltje hem voor de laatste maal: Áls hij de Zoon van God is, waarom neemt hij de scepters dan niet gewoon op om direct vrede te brengen over heel de wereld? Dan zou zijn missie toch in 1x voltooid zijn? Wat loopt hij daar nou moeilijk te doen in die woestijn? >> Maar- als die vrede er dan zou zijn, overal ter wereld, hoe zouden wij mensen die dan in stand moeten houden? Door te luisteren naar de macht van de machtige Jezus? Jezus ziet in dat ook dit de oplossing niet is.
Hij besluit het ons voor te doen.
En we weten allemaal waar dat hem uiteindelijk gebracht heeft. Maar daar gaat dit evangelie nu niet over, dat is voer voor een andere keer. Het evangelie van vandaag handelt vooral over de louterende kracht van het afstand nemen. De focus terugpakken en helder krijgen waar het in jouw leven nou ook alweer allemaal om draait. Want we worden aan de lopende band in verleiding gebracht om de kern uit het oog te verliezen. Joehoe, chocolaatje? Wonderbehandeling? Zak met geld? De duivelse verleidingen die Jezus ondergaat, ondergaan wij elk op onze eigen manier. Elke dag weer. Deze vastentijd geeft ons een houvast om een stukje bewustwording te creëren in dezen. De een doet dat door te vasten, in welke moderne vorm dan ook. Terwijl een ander dit iedere week probeert, met een uurtje kerk bijvoorbeeld.
Weer een ander ziet het licht tijdens een griepje. Ik zal ‘m u niet aanraden, maar louterend was ie wel.
(Geschreven bij het evangelie volgens Matteüs 4:1-11. Maart 2020)